Spoorwegcoupé

Liedje over een spoorwegcoupé

In de zachtgroene kussens van een spoorwegcoupé
zit een deftig gezelschap bijeen

Ze schimpen en schelden op het mindere volk
het werkvolk is intens gemeen

Ze vragen maar steeds voor loon voor hun werk
niets is den proleet naar den zin

Ze schimpen op velden en dan komt de slaap
en het deftige gezelschap slaapt in

Maar hij die niet slaapt is die zwarte piloot
daar voor op die locomotief

Met het ene been in het graf en het andere in de cel
gij eerste klasse slapers bedenkt het toch wel

Zijn handen zijn vuil en hij stinkt naar de zweet
dat deed hij voor u die gesmade proleet